Heeft de riksha waar ik nu op zit houten blokjes als trappers.
Vraag ik me af wat al dat bidden, al dat baden al die duizenden jaren voor zin heeft gehad. Heeft het iets bereikt? Bod Gaya ligt in Bihar, de armste provincie van India.
En er is hier zoveel armoede.
De stad is een vreemde mengeling van pelgrims, landbouwers, handelaars, Tibetaanse marktkooplui en bedelaars.
Tussen de krotten, de hotels en de tempels, elk zichzelf respecterend boeddhistisch land heeft hier een tempel, de een nog mooier dan de andere.
Bidt de Islamitische verkoper van boeddhistische artikelen tussen de meditatiekussentjes op de grond van zijn kraampje tot zijn Allah.
Lees ik hier het boek 'Temtations of the West', geschreven door Pankaj Mistrah. Naar aanleiding van de schietpartijen in Parijs schreef hij 'Spoken regeren waar de goden verdwenen zijn' in de Groene.
Met die spoken ben ik het eens, maar of het met de goden beter was? Ik vraag het me af.
Klinkt er muziek, er loopt een straatorkest voorbij, heel arme mensen, zonder huis, zonder iets, met alleen maar muziek.
Is er hier een partij aan de macht (de BJP) die voortkomt uit de partij waar de moordenaar van Ghandi lid van was. De moslims hier zijn doodsbang voor wat hun te wachten staat.
En kwam ik dit meisje tegen, dat nog vol vertrouwen, vol verwachting de lens in kijkt.