donderdag 12 november 2015

Wat de foto's niet laten zien

Varanasi is overweldigend: de mensen die baden in de rivier, de lijkverbrandingen, de devotie van de pelgrims, het lawaai in de straatjes, de rouwstoeten die je onderweg tegen komt, de koeien, de stank, het stof en de warmte.
Gelukkig heb ik een goed hotel, weg van de drukte. (En waar een douche is). 
Met een vast groepje zitten we aan tafel. 's Ochtends bij het ontbijt praten we verder over onze indrukken.  Hoe men hier met de dood omgaat (een onderwerp voor 8 uur in de morgen toch?), hoe we er zelf tegenover staan, de cirkel van wedergeboorte van het hindoeïsme en het geloof in het Nirvana.
Als je door de nauwe straatjes van de bazaar loopt komt het regelmatig voor dat je een rouwstoet moet passeren. Ik druk me dan tegen de muur en dan kan het ook nog gebeuren dat er een koe aan komt of dat een brommer je luid toeterend wil passeren. Drukte, lawaai, indrukken. Het  gaat maar door, zodra je een voet buiten de deur zet.

Aan de rivier zijn twee crematie Ghats. 
Het dode lichaam wordt in prachtige doeken gewikkeld en de familieleden (mannen, de crematie is een mannenzaken, 'woman are emotional') dragen het op de schouders door de nauwe straatjes naar de crematieplaats. Voorop loopt een man met wierook en de hele stoet roept luid 'Ram, Ram'. Bij de Ghats aangekomen wordt eerst hout gekocht voor de brandstapel. Daarna wordt het lichaam in de Ganges gewassen en wordt het te drogen gelegd. Dan wordt  het hoofd van de familieleden kaal geschoren, het lichaam wordt op de brandstapel gelegd en het hout onder de voeten wordt aangestoken.
De familieleden lopen rond de brandstapel, weer met wierook. Tenslotte wordt de as in de rivier gegooid. (Er zijn speciale mensen die op deze plaats de hele dag de modder zeven, op zoek naar sieraden, gouden tanden enz. op zoek naar alles van waarde dat niet is verbrand).
Elk onderdeel van dit alles is het werk van een bepaalde kaste. De verkoop van het hout, het inrichten van de brandstapel, het opruimen ervan (dit wordt gedaan door de laagste kaste, zij wonen in krotten vlakbij de Ghats).
Er zijn 3 plaatsen mogelijk: vlak bij de rivier voor gestorvenen uit de hoogste kaste (of degenen met het meeste geld), en helemaal bovenaan voor de lagere kaste (of voor degenen met het minste geld) en er is een plaats daar tussen in. Je moet het altijd kunnen betalen. 
Rijke gelovige mensen komen naar Varanasi om daar te sterven. Het geloof zegt dat als je daar sterft je direct in het Nirvana komt. Of de as wordt hiernaar toe gebracht en  in de Ganges verstrooid.
Er is ook een ouden smerig huis waar niets in staat, waar arme mensen kunnen sterven (of daarop wachten).
Als je langs de Ganges loopt en de crematieplaats passeert, loop je bijna tussen de brandstapels door.
Het is ten strengste verboden van de crematies foto's te maken, als je dat al zou willen.
De confrontatie is groot: het zien, de geur, de asdeeltjes die op  je neer dwarrelen. Hoe anders is een crematie bij ons in Nederland. En ik dacht aan mijn gestorven dierbaren.

Dus we praten verder bij het avondeten, waar zouden wij willen sterven? Wat zijn de verschillende rituelen in onze landen?  Hoe denken we over onze dood, onze begrafenis of crematie?

En verder  is het ontzettend smerig daar aan de Ganges bij die crematie Ghats. Stukken hout, modder, poep van honden en koeien (want die lopen er ook allemaal in het rond) en stukken stof van de lijkwade. 

Vroeger op school, als er een vader of moeder gestorven was, zeiden we bij de begrafenis tegen  het kind dat het lichaam het snoeppapiertje is. Het snoepje, dat bleef bewaard.
Er dwarrelen veel stukjes papier  langs de Ganges.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten