In Puri zette de rikshaman me af bij de 'government-bus'. Het bleek een bus te zijn met alleen maar zitplaatsen, airconditioning, schone ramen en ik kreeg een krant. We reden over een 4-baans tolweg en binnen 1,5 uur waren we in Bhubaneshwar. Daar ben ik weer met een tuktuk naar het hotel gegaan. Hotel Ginger is een Indiaas middenklasse hotel. 'Het zou met Ikea ingericht kunnen zijn'. Opeens heb ik de BBC world op de tv (laatste keer in Katmandu), komt er direct warm water uit de douche, is er snelle WiFi en valt de elektriciteit nog wel uit, dat wel. Maar het hotel heeft een generator.
Bhubaneshwar is een moderne groots opgezette stad. De wegen zijn breed en druk. Zelfs de koeien hebben zich uit het verkeer teruggetrokken. Maar zijn nooit ver weg.
Bhubaneshwar is hoofdstad van Orissa en is er is een grote universiteit. De studenten protesteren op dit moment tegen het beleid waarmee meer studenten uit de laagste kaste aan de universiteit kunnen studeren. (Zo las ik in de Times of India dat ze weer 'kaste-kleding' dragen, hetgeen verboden is).
In een andere straat werd geprotesteerd voor meer rechten voor vrouwen.
Er is ook nog een 'old town' - hier in staan nog ongeveer 500 (!) van de 7000 tempels die hier rond de 10e eeuw stonden. Hiervan heb ik er 10 bezocht.
De tempels hebben de 'Orissa bouwstijl': een ranke hoofdtoren, een veel lager bijgebouw en twee soms los staande gebouwen: een hal waar dansen werden uitgevoerd, en een hal waar geofferd kon (moest) worden. De plaats voor het heilige is in de hoofdtoren. Hier is de opening laag, zodat je maar heel weinig kunt zien van wat er binnen staat.
Alles is weer met prachtig beeldhouwwerk bedekt.
En sommige staan verwaarloosd langs de kant van de weg tussen lelijke nieuwbouw.









Geen opmerkingen:
Een reactie posten